vrijdag 20 oktober 2017

Egon Friedell (1878 - 1938) Spinoza steht als ein Unikum in seiner Zeit, ja in der ganzen Menschheit

Egon Friedell, het derde kind van een joodse zijde-fabrikant, was een vooraanstaande Oostenrijkse filosoof, historicus, journalist, schrijver, acteur, cabaretier en theatercriticus - wel beschreven als een uomo universale.
Er is veel over de man te vinden [cf. de.wiki]. Bernhard Viel schreef: Egon Friedell. Der geniale Dilettant. Ik houd het hierbij. In dit blog wil ik de passage over Spinoza overnemen die hij schreef in zijn vele malen herdrukte grote project:
Egon Friedell, Kulturgeschichte der Neuzeit, [oorspr. in drei Bänden 1927–1931 bij Beck in München] Reprint Band 1. Zweites Buch, Barock und Rokoko, Erstes Kpitel, Die Ouveture der Barocke. Jazzybee Verlag, 2016, p. 379 – books.google - Gutenberg.
Ik kies hier de slotalinea's van een 6-pagina's tellende tekst over Spinoza [vanaf p. 373 te lezen bij books.google]. Een pagina eerder noemde hij Spinoza, vielleicht der merkwürdigste Denker, der je gelebt hat." [zie daarvoor deze andere uitgave bij books.google]

 

Peter Handke: “Spinoza ist das neuzeitliche Evangelium.”

In: Am Felsfenster morgens, [Handkes viertes Journal], p. 37

Geciteerd in Urich von Bülow, “Raum Zeit Sprache. Peter Handke liest Martin Heidegger,” in: Anna Kinder (Hrsg.), Peter Handke: Stationen, Orte, Positionen. Walter de Gruyter GmbH & Co KG, 2014, 111 – books.google
Een kort overzichtje n.a.v. een verslagje van Bettina Schulte dat vandaag in de Badische Zeitung verscheen: "Ich will was geben. Ich will was überliefern" - Peter Handke sprach in Marbach über seine Notizbücher. Citaat

Handke sagt an diesem Abend viele Sätze leichthin, die ins Zentrum seines Schreibens weisen. Literatur ist Literatur und nichts außerdem zum Beispiel. Oder: "Ohne philosophisches Denken kann man kein Gedicht schreiben." Handke selbst setzt sich seitenlang mit Spinoza auseinander – aber auch mit alten slowenischen Wörterbüchern.
Handke is dus nog steeds met Spinoza bezig, zoals jaren terug. Zie
Ulrich von Bülow
“The Philosopher’s Stone?”: Peter Handkes Spinoza-Lektüren in den Jahren 1980 und 1983
Als Peter Handke sich um 1980 der Klassik zuwandte, studierte er — wie ehedem Goethe — intensiv die Philosophie von Baruch de Spinoza. Seine Lektüren der Ethik in den Jahren 1980 und 1983 lassen sich anhand seiner größtenteils unveröffentlichten Notizbücher detailliert nachvollziehen. Handke folgt Spinozas Apotheose der räumlichen Außenwelt (deus sive natura), er übernimmt die Thesen von der Körperhaftigkeit der Vorstellungen und der prästabilierten Korrespondenz von Wort und Ding. Im Mittelpunkt seiner eingehenden Beschäftigung mit Spinozas Affektenlehre steht die Theorie der Freude. Doch während Spinoza seine Lehrsätze rational zu beweisen sucht, tritt bei Handke an die Stelle folgernder Erkenntnis programmatisch die assoziierende Einbildungskraft. Die textnahe Rekonstruktion seiner folgenreichen Auseinandersetzung mit Spinoza bezieht Handkes Erzählwerk dort ein, wo der Philosoph ausdrücklich erwähnt wird. [Cf.] Abstract van Hoofdstuk in:
Paul Michael Lützeler / Erin McGlothlin / Jennifer Kapczynski (eds.),  Gegenwartsliteratur. Ein germanistisches Jahrbuch, 12/2013, Schwerpunkt: Peter Handke cf. stauffenburg.de]
Albert Meier, „Auf der Hochebene des Philosophen. Spinoza in Peter Handkes ,Lehre der Sainte-Victoire's. In: Zwischen den Wissenschaften. Beitrage zur deutsche Literaturgeschichle. Bernhard Gajek zum 65. Geburtstag. Hg. v. Gerhard Hahn u. Ernst Weber. Regensburg 1994. S. 145-150.
Gunter Schäble über Peter Handke: „Die Lehre der Sainte-Victoire“ in DER SPIEGEL 50/1980
Foto van site: Peter Handke is the winner of the 2014 International Ibsen Award.

Er is behoefte aan een Nederlands Spinoza Woordenboek

Van Maarten van Buuren zou volgend jaar verschijnen Spinoza in vijftig sleuteltermen. Henk Keizer heeft al een paar maal uitgesproken wel iets te verwachten van het ‘project van Van Buuren,’ zoals in reactie op dit blog: “We mogen wat verwachten van zijn analyse van sleutelbegrippen op basis van een systematische inventarisatie van het gebruik van termen. Die onderneming heeft haast per definitie wetenschappelijke pretentie. Het is een aanpak die de Spinozastudie vooruit kan helpen. Het is het soort analyse dat mij aanspreekt. Het kan leiden tot nieuwe inzichten (in een wervingsfolder was daar al sprake van)en kan ook een belangrijke steun zijn bij het maken van vertalingen. Het zal een grote aanwinst zijn om die informatie handzaam bij elkaar te hebben. Maar onze verwachtingen mogen ook weer niet te hooggespannen zijn. Het zijn wel erg veel sleutelbegrippen waarin in korte tijd al die informatie over is verzameld. Wat ook voorzichtig maakt is dat deze analyses niet hebben geleid tot goede vertalingen van de definities van de basiseenheden van Spinoza's systeem.
Er was al eens een internationale uitgave aangekondigd. Hoe zou het staan met de Historical Dictionary of Spinoza and Spinozism? Nooit meer iets van gehoord. Zou in 2013 verschijnen (cf. blog of type die titel maar in Google en zie de aanbiedingen).
Wel verscheen eerder van Charles Ramond
Dictionnaire Spinoza (2007) [cf. Editions Ellipses] Cf. Inhoudsopgave [PDF]. Het was de opvolger van het eerder verschenen Le vocabulaire de Spinoza (1999) van Charles Ramond [cf. Editions Ellipses], maar volgens deze recente tweet van de uitgever zouden ze allebei nog verkrijgbaar zijn.

donderdag 19 oktober 2017

Voorjaarscursus van de VHS wordt wintercursus en het onderwerp: Spinoza’s Briefwisseling


Op de website van de Ver. Het Spinozahuis is te lezen:
In 2018 wordt de wintercursus in het Spinoza Lyceum in Amsterdam georganiseerd op 20-01; 03-02; 24-02 en 17-03. Onderwerp zijn de brieven van Spinoza. Uitgeverij De Wereldbibliotheek heeft de Briefwisseling van Spinoza inmiddels in herdruk genomen. De winkelprijs voor deze 2edruk wordt 39,99 euro. Het boek zal tijdig verkrijgbaar zijn in de reguliere boekhandel. U kunt zich nu reeds voor de wintercursus aanmelden bij de secretaris. De kosten van de cursus bedragen 50,00 euro, waarvoor u na afloop pas een factuur ontvangt.

Wat verstaat Spinoza eigenlijk onder “eeuwige waarheden”?

Met het oog op de discussie die loopt op het blog “Ja, het wezen van een ding is een eeuwige waarheid,” ben ik op zoek gegaan naar of er zich mensen hebben bezig gehouden met wat Spinoza onder ‘eeuwige waarheden’ verstaat. Er zal vast wel in de grote hoeveelheid secundaire Spinoza-literatuur hier en daar aandacht voor geweest zijn. Zo heeft Jonathan Bennett in zijn A Study of Spinoza's 'Ethics' ( 1984) in §82 “The minds’s eternity” enige beschouwingen over Spinoza's eeuwige waarheid-notie. Maar we weten hoe Bennett over dat gedeelte van de Ethica denkt, en  ik weet dan niet of het verstandig is hem hierbij te betrekken. Iets interessantere beschouwingen zijn te vinden bij Richard Mason, The God of Spinoza: A Philosophical Study, in Hoofdstuk 10 “Understanding eternity,” waar hij met Bennett in discussie gaat, maar ook met Spinoza zelf. Over ons onderwerp (of de menselijke essentie een eeuwige waarheid is) komen we niets te weten, maar zeker de moeite waard om de passages die hij wel biedt, nog eens na te lezen.
Ik vond slechts de volgende twee wat uitvoeriger beschouwingen: van Richard Pflugbeil die er in 1902 zijn dissertatie aan wijdde, en een hoofdstuk van Jean-Luc Marion in zijn boek uit 2007. Beiden behandelen Spinoza’s ‘eeuwige waarheid’-begrip in het licht van Descartes. De laatste betrekt er ook de TTP bij, dat doet Pflugbeil niet. Voor zover ik kan nagaan wordt de kwestie die bij ons aan de orde is niet behandeld, maar misschien leidt het toch tot beter begrip van Spinoza in dezen.
Jean-Luc Marion, “Creation of the Eternal Truths: the Principles of Reason - Spinoza, Malebranche, Leibniz.” In: Jean-Luc Marion, On the ego and on God: further Cartesian questions. New York: Fordham University Press, 2007: 116-138. – books,google – de passage over Spinoza is daar in z’n geheel te lezen.
Richard Pflugbeil, Der Begriff der ewigen Wahrheiten bei Leibniz. Mit einer einleitenden Übersicht der Geschichte dieses Begriffs in der christlichen Philosophie, bei Descartes und Spinoza. Inaugural. Dissertation. Leipzig: Schmidt, 1902. - 43 pp. – archive.org.
Uit deze dissertatie neem ik hieronder het hoofdstukje over Spinoza over. De tekst staat vol onvertaalde passages in het Latijn waar ik – voor de goede bruikbaarheid hier -een vertaling bij zocht.

woensdag 18 oktober 2017

Groningse dichter Atze van Wieren ontdekte Spinoza. "Ja, er is veel eeuwigheid in mij.”

Drie weken terug, op zaterdag 30 september 2017, verscheen de derde dichtbundel van de Groningse dichter
Atze van Wieren, Eeuwig leven. IJzer, 2017 – 80 blz. €14,50
In deze bundel staat het idee centraal dat het universum begin noch einde heeft en dat de mens geroepen is zijn plaats daarin te bepalen en, belangrijker, zin moet zien te geven aan zijn korte verblijf op deze planeet. [IJzer]
Vandaag verscheen in Dagblad van het Noorden een artikel van Joep van Ruiten over de bundel en een gesprekje met de dichter, getiteld “Atze van Wieren: De ontdekking van het eeuwig leven.” [Cf.]
“Vijftien jaar geleden zat ik op de knieën in De Slegte in Leeuwarden en trok ik de Ethica van Spinoza uit de kast”, vertelt hij.
“Het was een oud boekje. Ik sloeg het open. Eerste hoofdstuk: ‘Over god’. Verder bladerend stuitte ik op de opmerking ‘Als je nog in een persoonlijke god gelooft, kan ik je niet serieus nemen’. Boek gekocht. Boek gelezen. Wat beslist niet meeviel, want het zijn net wiskunde-formules. Maar ik heb doorgezet en toen werd ik gegrepen.”
Zie verder bij Dagblad van het Noorden en de website van Atze van Wieren

dinsdag 17 oktober 2017

The Baruch Spinoza Handbook will answer all of your needs, and much more.


Ik wist niet wat ik zag (was nog niet eerder op mijn pad tegengekomen):
Eliana Webster, The Baruch Spinoza Handbook - Everything You Need To Know About Baruch Spinoza. Emereo Publishing, 2016 [cf. Kobo]
De titel die ik dit blog meegeef, komt uit de blurb.
Je kunt het hier inkijken en versteld staan van de zeer gevarieerde hoofdstuktiteltjes: het kijkt wel een verzameling blogs... Enfin, nuttig 't 'n keer bekeken te hebben.