maandag 25 september 2017

Frank Sewall (1837-1915) Swedenborgiaanse geestelijke die waarderend over Spinoza schreef [5 en slot]


Na vier blogs over Frank Sewall (1837-1915) die een inleiding schreef op Spinoza (ik vermeld ze onder), wil ik hier in een slot-blog nog even terugblikken op wie en wat ik ontdekte. Ik was zeer onder de indruk van diens inleiding, waaruit duidelijk iemand aan het woord bleek die van wanten wist. Waar kon dat op gebaseerd zijn? Wie was die auteur? En waarom kwam ik die naam in de secundaire Spinozaliteratuur nergens tegen?

Het bleek te gaan om een zeer erudiete auteur, een aanhanger van Swedenborg  en Swedenborgiaanse geestelijke, die behoorlijk wat schreef en niet alleen Swedenborg=gerelateerde teksten.

Ik ben best onder de indruk als je ziet welke studies hij afleverde in de periode waarin hij ook nog eens die gedegen toelichting op Spinoza gaf: een inleiding op de The method, meditations and philosophy of Descartes (1901); een tweede, herziene editie van Emanuel Swedenborg, The soul, or Rational psychology (1900); de redactie van en inleiding op Immanuel Kant´s Dreams of a Spirit-seer (1900), waarvoor hij zeer veel uit de kast haalde.

Veel had hij tot hij de inleiding op Improvement of the Understanding, Ethics, and Correspondence of Benedict De Spinoza [Translated by R.H.M. ELWES (1901)] bracht, nog niet over Spinoza gepubliceerd. Dus op grond waarvan de uitgever M. Walter Dunne of zijn redacteur, Oliver H. G. Leigh, aan Frank Sewall dachten om een nieuwe inleiding voor de uitgave te laten schrijven, kan ik niet inschatten, maar dat je Sewall om zo’n boodschap kon sturen, was wel duidelijk.

Spinoza afgebeeld in gebrandschilderd raam in het Unitarian Meeting House te Exeter


Op 31-08-2013 had ik een blog over Spinoza, afgebeeld in een gebrandschilderd raam in Exeter. Het is me niet gelukt er meer informatie over te vinden dan ik in dat blog geef. Onlangs probeerde ik het weer, maar kwam geen stap verder: en zo vaak kom je die afbeelding niet tegen. Maar zie, gisteren had Andrew James Brown, religious naturalist & Unitarian minister in Cambridge, een prachtig blog over het boek van
Agnes Arber, The Manifold & the One [London, John Murray, 1957, xiii + 146 pp- reprint Theosophical Pub. House, Wheaton, Illinois, U.S.A., 1967]
Spinoza in a window in Exeter Unitarian Meeting House

Waarover hij schrijft dat toen hij het een tiental jaren geleden ontdekte: “I quickly discovered that Spinoza's kindly and creative spirit suffused the whole book.”
 
In dat blog had hij ter illustratie deze afbeelding met dit onderschrift: Spinoza in a window in Exeter Unitarian Meeting House. Dat het om een ontmoetingshuis van de Unitariërs in Exeter ging, had ik al wel vermoed maar nog niet eerder ergens gelezen.

Over deze Andrew James Brown had ik al eens een blog op 25-07-2009: “Interessante website Caute van een Spinozistische dominee.”

Daarna was ik hem wat uit het oog verloren, maar gisteren meldde hij zich weer, via dit plaatje dat google.images vandaag direct aanbood. Ik vermoed dat hij me aanleiding geeft ook nog eens wat meer op zoek te gaan naar Agnes Arber om te zien hoe zij Spinoza in haar denken oppakte.

zondag 24 september 2017

Spinoza in de mist

Vanmorgen stuurde Martin Lamboo een tweet met deze fraaie foto van Nicolas Dings' Spinoza-beeld in de mist.

Frank Sewall (1837-1915) vergeleek Spinoza met Swedenborg


In het blog van 20-11-2015 “Ethan A. Hitchcock's vergelijking van Spinoza en Swedenborg” schreef ik: “Daar ik geen aanleiding zie om nog eens een apart blog aan Emanuel Swedenborg te wijden, plaats ik hier zijn afbeelding i.p.v. nog eens Hitchcock.” Nu geeft Frank Sewall aanleiding om toch nog eens over Emanuel Swedenborg te schrijven. Ethan A. Hitchcock gaf een vergelijkend overzicht dat duidelijk maakte dat Swedenborg Spinoza goed bestudeerd moet hebben. Sewall schrijft in de tekst die ik zo dadelijk citeer: “We find nowhere any mention of Spinoza by Swedenborg, and can easily understand why he might not have felt attracted to his teaching.”
Emanuel Swedenborg (1688-1772) was een Zweeds wetenschapper en theoloog. Hij deed ontdekkingen in de natuurwetenschappen, waaronder de astronomie, geologie en mineralogie. Zijn intensief zoeken naar antwoorden op ultieme vragen, deed hem op 55-jarige leeftijd ontwaken en een uniek inzicht in de werking van ‘de geestelijke wereld’ krijgen. Hij besteedde de rest van zijn leven aan het schrijven over deze ervaringen en hoe mensen kunnen komen tot een dieper besef van het goddelijke. Hij had invloed op velen. De voortdurende aantrekkelijkheid van zijn denken ligt zonder twijfel in zijn inzichten in het leven na de dood, zijn concepten over de goddelijke liefde, en zijn focus op persoonlijke en sociale ontwikkeling. [Cf.]

Frank Sewall (1837-1915) schreef een inleiding op Spinoza [3]


Ja, Rev. Frank Sewall schreef een in mijn ogen schitterende inleiding op de 1901-editie van Spinoza-vertalingen van R.H.M. Elwes. In de vorige blogs (1 en 2) heb ik verteld hoe ik op deze inleiding stuitte. Maar wie was die Frank Sewall? De zoektocht naar hem heeft mij flink bezig gehouden – er viel veel over en n.a.v. hem te ontdekken.
Frank Sewall heeft geen pagina op Wikipedia, terwijl dat heel goed wel zou hebben gekund. Maar de wegen van deze internet-encyclopedie zijn ondoorgrondelijk. Enfin, hij heeft al een kleine pagina; daarin lezen we dat hij pastor was in een Swedenborgiaanse kerk in Glenview; het accent ligt bij die site op hymnes die hij schreef. Van hem verscheen in 1867 The Christian Hymnal (cf.). Zo weten we al iets. Het Swedenborgianisme is een godsdienstige stroming op basis van de werken van de Zweedse theoloog Emanuel Swedenborg. We gaan ontdekken dat Sewall zich zeer actief met de Swedenborgkunde heeft bezig gehouden.
Hier vervolgens het Lemma Sewall, Frank in Nathan Haskell Dole, Forrest Morgan, & Caroline Ticknor (Eds), The Bibliophile Dictionary: A Biographical Record of the Great Authors. The Minerva Group, Inc., 2003 – books.google
Hierin ligt het accent op zijn literaire werk. Elders lezen we:

vrijdag 22 september 2017

Frank Sewall schreef een inleiding op Spinoza [2]


Voor de uitgave van de Improvement of the Understanding, Ethics, and Correspondence of Benedict De Spinoza  die M. Walter Dunne Publisher in 1901 uitbracht in zijn reeks Universal classics library (waarover het vorige blog informatie bracht) schreef Frank Sewall de INTRODUCTION. Ik was onder de indruk van die inleiding en ging op zoek naar wie die Frank Sewall was. Eerst echter breng ik in dit blog die inleiding, waarvan ik zeer onder de indruk ben, met de uitnodiging aan de bezoekers van dit blog daarvan kennis te nemen. In een volgend blog kom ik dan met nadere informatie over deze Sewall, die hier in kort bestek zo’n knappe samenvatting van Spinoza’s filosofie geeft. Reden te meer om je af te vragen: wie is die auteur van deze tekst? Enfin, mijns inziens is er alle reden dit stuk uit de mottenballenkist te halen waar de geschiedenis het in gestopt heeft.

Frank Sewall schreef een inleiding op Spinoza


M. Walter Dunne Publisher besloot in 1901 een Universal classics library te gaan uitbrengen. Daarin zou ook Spinoza worden opgenomen en wel door een nieuwe editie uit te brengen van het tweede deel van de in 1883 en 1884 bij George Bell and Sons in Londen uitgekomen The Chief Works of Benedict de Spinoza, translated from the Latin, with an Introduction by R.H.M. Elwes.

Van het eerste deel, B. Spinoza – Tractatus-Theologico-Politicus& Tractatus Politicus: Translated from the Latin, with an Introduction by R.H.M. Elwes, was door Routledge in 1890 een luxe editie uitgekomen (cf. blog).


[foto van boeken in de Universal classics library van hier]
 

 

Het was dus tijd voor een nieuwe fraaie editie, waarvoor M. Walter Dunne Publisher of zijn redacteur, Oliver H. G. Leigh, besloten om Frank Sewall er een nieuwe inleiding voor te laten schrijven. Dat werd

Improvement of the Understanding, Ethics, and Correspondence of Benedict De Spinoza. Translated by R.H.M. ELWES with An Introduction by Frank Sewall. Washington & London: M. Walter-Dunne, Publisher, 1901 – archive.org

In 1933 werd het door weer een andere uitgever, Tudor uit New York, uitgegeven als

Philosophy of Benedict De Spinoza. Translated from the Latin by R. H. M. Elwes. with an Introduction by Frank Sewall, M. A. “New York: Tudor, 1933
Meer edities verschenen, o.a. door Willey, in 1995  

Dit Spinoza-blog oefent enige invloed uit…


Van de vertaler van Spinoza’s hoofdwerken, Robert Harvey Monro Elwes, wiens vertaling op internet zeer vaak wordt genoemd en gebruikt, zag je tot 28 maart 2015 alleen maar het geboortejaar genoemd, nergens werd zijn sterfjaar vermeld.
Tot ik op 28-03-2015 het blog kon brengen dat ik zijn sterfjaar had ontdekt.
En zie: het is aangekomen en nu zie je hier en daar zijn levensdata voorbijkomen – bijvoorbeeld op worldcat en wikisource.
Het is een bescheiden begin, maar een begin.  
Toen ik dit ontdekte en hierdoor weer even met de Elwes-vertalingen bezig ging, deed ik een leuke (voor mij) nieuwe ontdekking, waarover ik binnenkort kom te bloggen.

Hiernaast de band van de luxe Routledge-editie van 1890 van
B. Spinoza – Tractatus-Theologico-Politicus & Tractatus Politicus: Translated from the Latin, with an Introduction by R.H.M. Elwes - London, Routledge, 1890 - 1e druk - 388 pp. - Lederen band, ribben op de rug, gemarmerde platten, goud op snee, aldus omschrijft catawiki deze aanbieding. Dat “1e druk” is niet juist, de eerste druk van het eerste deel kwam uit in 1883.

« Non, Spinoza ne fut ni un héros, ni un saint, ni même un sage »


Signalement
Pierre Zaoui bespreekt Le Clan Spinoza van Maxime Rovere in Philosophie Magazine van 21 september 2017 [cf.] Lead tekst:

"Les mondes de Spinoza/Dans un récit enlevé, Maxime Rovère met en scène la vie et la pensée de l’auteur de l’“Éthique”, égratignant au passage nombre d’éléments de sa légende. Hérétique ? Pas pour Pierre Zaoui, qui salue ici la performance. Il y voit le portrait tout en nuances d’un philosophe de et dans son temps. Aussi inspiré, et mystérieux, qu’un tableau du Siècle d’or hollandais."

donderdag 21 september 2017

Emile-Auguste Chartier vooral bekend als Alain (1868 - 1951) schreef Spinoza (1900)


Alair was een enigszins aparte Franse filosoof wiens naam je nog steeds af en toe. tegenkomt, wanneer aforismen van hem geciteerd worden. En bepaalde boeken van hem worden nog steeds herdrukt. Hij heette Emile Auguste Chartier, maar ging onder het pseudoniem Alain vanaf 1906 dagelijks stukjes schrijven onder de titel "Propos" in de Depeche de Rouen. Er zijn wel 5000 van die stukjes geteld, waaruit later weer boekjes werden samengesteld.-En het is onder die bij een breed publiek bekende naam dat zijn werk wordt uitgegeven.
Ik had-al eens een-blog n.a.v. zijn aforistische tekst « Penser le mal, c'est penser mal ». [Het  kwaad denken is slecht denken]. Die tekst komt uit zijn eerste publicatie.
Zijn eerste publicatie was een boekje dat in 1900 verscheen: Spinoza. Hij had al eerder,  in 1891, een tekst geproduceerd: La théorie de la connaissance des Stoïciens, maar die werd pas in 1964 -gepubliceerd.
Dat boekje over Spinoza werd in 1946 opnieuw gepubliceerd door Gallimard en is sindsdien vaker herdrukt. Het is deze tekst (althans de Gallimard-editie van 1949) die als PDF op internet is te vinden en daar wil ik in dit blog op wijzen. Tot mijn verbazing wordt in deze digitale uitgave alleen maar meegedeeld dat het de uitgave uit 1946, resp. 1949  brengt, maar nergens dat de tekst oorspronkelijk in 1900 werd gepubliceerd.

woensdag 20 september 2017

Ter herinnering: a.s. zondag laatste excursie "in de voetsporen van Spinoza"


Het wordt in ieder geval de laatste excursie van dit jaar, maar mogelijk definitief de laatste die Jossi Efrat organiseert. Hij heeft al vaker gezegd dat hij ermee wil stoppen. Een keer zal dus de laatste wezen en wellicht is dat die van zondag 24 september 2017. Als u zo’n excursie meegemaakt wilt hebben, kunt u zich beter opgeven – voor het te laat is. Hoe dat kan en hoe het programma eruit ziet, ziet u op dit blog.

De wintersnoge in Amsterdam

Duidelijk waaraan de VHS de komende tijd gaat werken


Gisteren schreef ik in de inleiding op het gastblog van Adrie Hoogendoorn, dat mij uit het verslagje van Filip Buijse en uit zijn stuk nog niet duidelijk werd wat de volgende stappen zijn van de VHS om de toekomst van de vereniging veilig te stellen. En zie, gisteren verscheen op de website van de VHS deze tekst, die ik hier graag doorgeef:

Vijf projectvoorstellen n.a.v. de ledenvergadering 16 sept.
Op de bijzondere ledenvergadering van 16 september hebben de leden aangegeven meer bij de beleidsvorming te willen worden betrokken. Het bestuur gaat de komende 9 maanden vijf projectvoorstellen uitwerken:
1. Een onderzoek onder de leden die geen e-mail hebben naar hun wensen,
2. Een waardig afscheid van Theo v.d. Werf en van Mirjam van Reijen,
3. Doel van de leeszaal bepalen, bemensing en benadering Nederlands publiek,
4. Ledenwerving onder Nederlandse en Vlaamse filosofiestudenten,
5. Uitgangspunten bepalen voor nieuwe statuten en reglementen.
De voorstellen komen op de agenda van gewone ledenvergadering van 26 mei 2018 in Rijnsburg.

Inderdaad, Remco Campert’s gedicht voor Jan Wolkers hoort in het Corpus Poeticum Spinozanum



Vandaag ontving ik een-mail van Jasper von Grumbkow [van de Spinoza Kring Limbrug] waarin hij mij wees op het gedicht dat Remco Campert n.a.v. de dood van Jan Wolkers maakte en dat, mét een schets van Jan Wolkers door Paul Citroen in de Volkskrant van 24 oktober 2007 verscheen.
Ik citeer uit Jaspers e-mail:
In de periode dat het zo slecht met jou ging, kwam ik een “spinozistisch” gedicht van Remco Campert tegen dat Campert op aanvraag van de Volkskrant schreef ter gelegenheid van de crematie van Jan Wolkers, aldaar voordroeg, en dat ik niet in jouw archief zag staan onder: Corpus Poeticum Spinozanum
Dat klopt. Zowel dat het niet in de rubriek van Spinoza.blogse met Spinoza-gedichten voorkomt, als dat dit gedicht van Campert iets Spinozistisch heeft. Nu kan ik jammer genoeg niets meer veranderen aan die rubriek, maar ik kan wel t.z.t. een aanvulling erop maken in dit nieuwe blog. Ik begin dus alvast het mooie gedicht hier op te nemen. Met dank aan Jasper.

dinsdag 19 september 2017

De Vereniging Het Spinozahuis in beroering


“Er valt veel over te zeggen maar niet in de openbaarheid,” schreef een Josien in reactie op het blog van 15 september 2017 over "Morgen Bijzondere Algemene Leden Vergadering van de Vereniging Het Spinozahuis.” Zondag bracht ik het “Kort verslag van Filip Buyse van de Bijzondere ALV van de VHS van gisteren.” Het gaf een bescheiden sfeerimpressie, maar zoals Bas Beekhuizen terecht constateert: “het geeft geen verslag waarin over het bestuursstandpunt of de voorstellen van Kees Schuyt besloten is.” N.a.v. ‘mijn ‘oproepje’ zond Adrie Hoogendoorn mij onderstaand stukje toe. Ook daarin gaat hij niet in op wat het bestuursstandpunt was en wat er nu besloten is en wat de volgende stappen zijn. Maar het voordeel van het stuk van Hoogedoorn is dat het een schets geeft van de crisis in de Vereniging Het Spinozahuis over een langere periode. En het grote voordeel is dat er via dit stukje van Adrie eindelijk iets in de openbaarheid komt van de crisis waarin de VHS zich bevond en bevindt. Het is niet goed dat alles alleen maar binnenskamers blijft en "vooral niet in de openbaarheid." Dat is niet meer van deze tijd.  Een volwassen vereniging in deze tijd kan tegen stootjes die via de openbaarheid worden gegeven.

Adrie refereert in zijn bijdrage aan een discussie over de VHS die op het Spinozablog plaats had: dat was op het blog van 09-01-2012 waarin ik geschreven had dat de Ethica-vertaling van Piet Steenbakkers dat najaar zou verschijnen. Daarop gingen enige reacties over de VHS. Hier volgt nu de bijdrage van Adrie Hoogendoorn:

 

zondag 17 september 2017

Kort verslag van Filip Buyse van de Bijzondere ALV van de VHS van gisteren

Vrijdag 15 september 2017 had ik het blog; "Morgen Bijzondere Algemene Leden Vergadering van de Vereniging Het Spinozahuis." Mijn hoop dat iemand dan wellicht een kort verslagje geeft in een reactie, wordt geheel teniet gedaan door de vrees dat dat niet het geval zijn - echt Spinozistisch geen hoop zonder vrees en geen vrees zonder hoop. En inderdaad: de enige reactie was van een Josien die schreef: "Ik was er bij. Er valt veel over te zeggen maar niet in de openbaarheid." Maar zie, Filip Buyse gaf op zijn facebook-pagina een korte sfeertekening, waarvan een screenshot door Wim Klever in een tweet werd doorgegeven. Ik neem dat verslagje hier over. Hebben we alvast iets.


Spinoza én het Spinozisme behoorlijk uitgedaagd


Zaterdag 21 oktober 2017 wordt er door de École Normale Supérieure te Parijs een conferentie georganiseerd met als thema “Spinoza autrement. Nouvelles perspectives en histoire de la philosophy”
Ze willen de relatie tussen de filosoof en zijn ‘gesprekspartners ' ontrafelen - aan de tegenstanders van de grote filosoof hun rol in de ontwikkeling van het denken teruggeven. Ze willen de teksten van Spinoza anders lezen dan als “de relikwieën van een rationalistische heilige.” Daarbij wordt een wel heel uitdagende illustratie geplaatst, n.l. dit schilderij uit 1619 van Nicolaes Eliasz. Pickenoy, de Osteologieles van Dr. Sebastiaen Egbertsz. *) [deze herkomst wordt op het programma niet vermeld]. Maar wat een uitdaging van de filosoof die in Ethica 4/67 schreef: “Homo liber de nulla re minus quam de morte cogitat et ejus sapientia non mortis sed vitae meditatio est.” [Een vrij mens denkt aan niets minder dat aan de dood en zijn wijsheid is niet de dood maar het leven te overwegen.]

Nicolaes Eliasz. Pickenoy The Osteology Lesson of Dr. Sebastiaen Egbertsz 1619 135 x 186 cm oil on canvas Amsterdam Historisch Museum, Amsterdam [van wikimedia commons - bron]

Spinozistisch aforisme van Clarice Lispector over determinisme als vrijheid


Jasper Schaaf, over wiens boek Het speelveld van de vrijheid. Marx, Spinoza, overwegingen over vrijheid en macht (2014) ik op 18-01-2015 het blog "Requiem voor "Het speelveld van de vrijheid" met de ondertitel "Droef verslag van een onvermijdelijke miskoop" een nogal vernietigende kritiek schreef, heeft op zijn blog van donderdag 3 augustus 2017, "Spinoza ontmoeten bij Clarice Lispector" iets goed gemaakt.  Daarin geeft hij het volgende schitterende citaat uit haar vorig jaar vertaalde De ontdekking van de wereld (je kunt eraan zien dat ze diep in Spinoza gedoken was)

‘Het is determinisme, jawel, maar als je je eigen determinisme volgt ben je vrij. Gevangen zou je zijn als je een bestemming najoeg die niet de jouwe is. Er schuilt veel vrijheid in het hebben van een bestemming. Dat is onze vrije wil.’

Ik neem ook de foto die hij doorgaf van Clarice Lispector hier over.

Ik krijg door dit citaat weer zin haar genoemde boek weer eens op te pakken.
Ik schreef vele blogs over Clarice Lispector die via
deze link desgewenst te vinden zijn.

zaterdag 16 september 2017

Émilie Du Châtelet (1706-1749) verwerkte de TTP in haar “Examen de la Genèse”

De verlichte Franse essayist, filosoof en wis- en natuurkundige Gabrielle Émilie Le Tonnelier de Breteuil, Marquise Du Châtelet werd bekend om haar op het werk van Newton gebaseerde Institutions de physique (1740), haar vertaling van Newton’s Principia Mathematica (postuum gepubliceerd in 1756 in Frankrijk nog steeds dé standaardeditie) en door haar romantische relatie met Voltaire die ging wonen in haar Château de Cirey vlakbij Chaumont in Lotharingen waar diverse geleerden graag naar toe trokken om er met het intellectuele koppel te studeren en converseren. Voltaire verklaarde dat hij Newton en de natuurkunde begreep door haar uitleg. Ze vertaalde ook Mandeville’s The Fable of the Bees: Or Private Vices, Public Benefits als La Fable des abeilles (1735) waar Voltaire graag gebruik van maakte bij zijn Traité de métaphysique.
 

Ze begon aan een Grammaire raisonné die ze niet afmaakte. Haar ideeën over het Deïsme en de metafysica paste ze toe in een studie over de Bijbel, waaraan ze waarschijnlijk in 1736 begon en die mogelijk pas in het jaar waarin ze stierf, 1749, gereed kwam en waarvan het handschrift lang onuitgegeven bleef: Examen de la Genèse.
Mary Ellen Waithe schreef daarover in hoofdstuk 8, "Gabrielle Émilie le Tonnelier de Breteuil du Châtelet-Lomont," [in haar: M.E. Waithe (Ed.), History of Women Philosophers. Volume III, Modern Women Philosophers, 1600 - 1900. Dordrecht/Boston/London: Kluwer Academic Publishers [Springer Science & Business Media], 1991, p. 127-152] op p. 131 (cf. books.google; voor de noten zie 't origineel):

Spinoza's Overnatuurkundige Gedachten


Daar het, als het gaat over Spinoza’s Cogitata Metaphysica, nooit over Spinoza's Overnatuurkundige Gedachten gaat, geef ik daar hier een keer aandacht aan door de twee titelpagina’s hier binnen te halen en eens goed te bekijken. Het gaat om

Renatus des Cartes Beginzelen der Wysbegeerte, I en II Deel, Na de Meetkonstige wijze beweezen door Benedictus de Spinoza Amsterdammer. Mitsgaders des zelfs overnatuurkundige gedachten, in welke de zwaarste geschillen, die zoo in ’t algemeen, als in 't byzonder deel der overnatuurkunde ontmoeten, kortelijk werden verklaart. Alles uit 't Latijn vertaalt door P.B.
t' Amsterdam By Jan Rieuwertsz. Boekverkooper in de Dirk van Assensteegh, in 't Martelaers - Boek. Anno 1664.

 

vrijdag 15 september 2017

Steven Nadler's Spinoza op z'n Pools


Morgen Bijzondere Algemene Leden Vergadering van de Vereniging Het Spinozahuis


Tot heden heb ik met grote terughoudendheid mij op dit blog niet bemoeid met de problemen die deze zomer bij de Vereniging Het Spinozahuis waren ontstaan – dit om bestuur en rapporteur Kees Schuyt niet voor de voeten te lopen.
Het wordt morgen een bijzondere en waarschijnlijk spannende Algemene Ledenvergadering (ALV) in het Gemeenschapshuis in Rijnsburg. Dan zal namelijk het verslag van de ALV van 3 juni 2017 worden besproken, die vergadering die onverwachts geconfronteerd werd met het plotselinge en directe aftreden van de secretaris, Theo van der Werf en Miriam van Reijen, waarvan de leden een dag voor die vergadering per brief mededeling hadden ontvangen mét opgave van de redenen die zij hadden om zo per direct af te treden en niet meer bij die vergadering aanwezig te zijn. Daarover was uiteraard verwarring en commotie en de vergadering besloot tot nader onderzoek over wat er nu eigenlijk aan de hand was –was er sprake van een conflict binnen het bestuur? Verder zou uitgezocht moeten worden hoe de zaken die in handen waren van de secretaris op goede wijze aan de Vereniging zouden worden overdragen. En tenslotte zou uitgezocht moeten worden hoe er later een passend en waardig afscheid kon worden georganiseerd: van der Werf was immers vanaf 1980 bestuurslid en penningmeester; vanaf 1989 secretaris tevens penningmeester en vanaf 2015 tot juni 2017 als secretaris aan de Vereniging verbonden geweest: 37 jaar!
De oud-voorzitter van de VHS (en auteur van het hier pas besproken boek Spinoza en de vreugde van het inzicht), Kees Schuyt werd gevraagd om dat onderzoek te doen, daarover te rapporteren en aanbevelingen te doen. Dat rapport van Kees Schuyt zal morgen worden gepresenteerd (opmerkelijk mag het genoemd worden dat het niet vooraf aan de leden is toegezonden, zodat ze het in alle rust hadden kunnen lezen). Vervolgens komt het bestuursstandpunt over rapport en aanbevelingen aan de orde. Het zijn meestal niet de makkelijkste vergaderingen die zulke agendapunten hebben. Ik vraag me dan ook af of de voorzitter – die in het rapport aan de orde komt – zelf die bespreking voorzit of dat hij zo wijs is om de gespreksleiding in handen van een relatieve buitenstander te geven om ook zelf vrijuit te kunnen spreken en z’n eigen handelen toe te lichten.
Gehoopt wordt hier in een uur uit te zijn om na een pauze vervolgens in anderhalf uur de toekomst van de vereniging te kunnen bespreken.
Ik wens bestuur en ALV waar ik jammer genoeg niet bij aanwezig kan zijn, een succesvolle vergadering. En ik hoop dat alle aanwezigen zoveel van Spinoza hebben opgestoken dat ze zich kunnen laten leiden door Spinoza's dictamina rationis en zijn aanbeveling ter harte nemen: “Sedulo curavi humanas actiones non ridere non lugere neque detestari sed intelligere” [Ik heb er altijd met zorg naar gestreefd de menselijke handelingen niet te bespotten, niet te betreuren noch te verachten, maar te begrijpen. Politiek traktaat, Hfst. I, § 4.].

Persbericht EUR: Henri Krop benoemd als bijzonder hoogleraar in de Spinoza-studies

Het heeft even geduurd, maar eergisteren,13 september 2017, is dan eindelijk het persbericht uitgebracht door de Faculteit Wijsbegeerte van de Erasmus Universiteit Rotterdam met dit nieuws, waarover ik in mijn blog van woensdag 23 augustus 2017 mijn verbazing erover uitsprak dat daarover nog niets te lezen was:

Henry Sidgwick (1838 – 1900) groot ethicus die Spinoza links liet liggen


Over Henry Sidgwick had ik al eens een blog op 25-10-2016: Verschil tussen "The Point of View of the Universe" en "Sub Specie AEternitatis." Dat was n.a.v. het verschijnen van Bart Schultz, Henry Sidgwick: Eye of the Universe. An Intellectual Biography. Cambridge University Press, 2004 en ’t review bij de NPDR door Robert Shaver (University of Manitoba). 
Aanleiding voor dit vervolgblog is eveneens een review bij de NDPR nu door David Phillips (University of Houston) van een nieuw boek van Bart Schultz, The Happiness Philosophers: The Lives and Works of the Great Utilitarians. Princeton University Press, 2017, 437pp., books.google. [1x komt Spinoza voor op een pagina – 274 – waar Google ons niet bij laat].
Dat boek gaat over het utilitarisme zoals het was ontwikkeld door de radicale filosofen, critici en sociale hervormers William Godwin (de echtgenoot van Mary Wollstonecraft en vader van Mary Shelley), Jeremy Bentham, John Stuart & Harriet Taylor Mill, en Henry Sidgwick.


Dat maakte dat ik weer eens naar die Sidgwick op zoek ging, daar Schulz veel over hem geschreven heeft. Ook is het Barton Schultz, die het lemma Henry Sidgwick op Stanford Encyclopedia of Philosophy schreef, dat aldus begint:

donderdag 14 september 2017

Terugblik op (en verantwoording) van mijn recensie van Schuyt’s Spinoza-boek


Daar ik zelf een beetje verbaasd erover ben dat ik zo positief en enthousiast op het boek van Kees Schuyt, Spinoza en de vreugde van het inzicht [Balans, 2017], reageer in de weergave van mijn leeservaring in het blog van gisteren, terwijl ik toch heel wat kritiekpunten formuleerde, maakt dat ik er nog even op terug kom. Ik bedoel niet dat ik terug wil komen op de weergave van mijn leesplezier, noch dat ik mijn conclusie wil terugnemen dat ik dit het beste boek in het Nederlands over Spinoza vind. Ik héb van het lezen van dit boek genoten en ik vínd ’t het beste wat we hebben - zeker voor wie een totaaloverzicht zoekt. 
Hoe kon ik zo positief zijn op dit boek (in tegenstelling tot de Spinoza-boeken van Maarten van Buuren)? Dat heeft te maken met de voorzichtige, niet pretentieuze houding van Schuyt. Hij vermeldt enige malen dat hij soms twijfelt over zijn interpretatie, maar dat dat zíjn interpretatie is waar hij verder mee kan. Vergelijk dat eens met de zelfverzekerde, enigszins opgeblazen houding van Van Buuren, die zelfs beweert dat hij met een geheel; nieuwe lezing van de Ethica komt – alsof hij een nieuwe wereld heeft ontdekt, zonder dat hij dat kan bewijzen. Schuyt geeft ons ook zijn worstelingen in een plezierig leesbare stijl.
De lijst van “mij bevreemdende opmerkelijke zaken” heb ik, om er nu makkelijker naar te kunnen verwijzen, alsnog genummerd – het blijken 10 punten te zijn van heel verschillend kaliber. Daarvan is er één dat er voor mij uitspringt daar het m.i. een aantoonbaar foute interpretatie van Spinoza is – een onbegrijpelijke die m.i. niet gemaakt kan worden door iemand die al zo lang en intensief Spinoza bestudeert. Alle andere onderwerpen, ook de daarvoor genoemde over “macht en recht” en “formele versus actuele essentie” e.a., daarover verschilt men in de secundaire Spinoza literatuur van mening. Maar het onderwerp waar ik op doel, verwoord onder punt 5•, is echt volkomen mis. De werkelijkheid of de natuur is niet op te delen in twee gebieden naar de twee ons bekende attributen (Denken en Uitgebreidheid): een gebied n.l. van de natuurwetenschappen (Uitgebreidheid) en de moraal (Denken). Dit slaat echt nergens op. Je komt vergelijkbare foute opdelingen wel méér tegen [ik heb gewezen op de stommiteit van Maarten van Buuren, die de een tweedeling maakte in Natura naturans als het terrein van het Denken en de Natura naturata is dat van de Uitgebreidheid – cf. dit blog van 17 juni 2017]. Maar deze onspinozistische opdeling van de werkelijkheid werkt in het boek van Schuyt niet zover door, dat die foutieve dichotomie zeer storend zou werken. Dat terwijl Spinoza zo op de eenheid van de werkelijkheid wees en de door Descartes aangebrachte dichotomie bestreed. Jammer dat sommigen er misschien door op een verkeerd been worden gezet, maar het kan mijn eindoordeel over dit boek niet afzwakken.
Ik hoop dat Kees Schuyt zal inzien hoe hij er op dit punt volstrekt naast zit en er zijn boek nog op zal aanpassen, wat slechts enige bescheiden ingrepen vraagt.  
Hieronder verwijs ik nog naar mijn eerder blogs over Schuyts boek.
________________

woensdag 13 september 2017

Kees Schuyt’s voortreffelijke Spinoza-boek


Het is zover – ik kan mijn leeservaring weergeven met dit boek van Kees Schuyt: Spinoza en de vreugde van het inzicht [Balans, 2017, 333 blz.]. Ik zal niet verder uitweiden over waarom ik het aanvankelijk niet wilde lezen – ik gaf daarover informatie in diverse blogs. Maar uiteindelijk kon ik er niet omheen: ik móest het lezen. Zoveel boeken over Spinoza verschijnen er niet. En dit lijkt bij nader inzien niet zomaar een boek! Het is een zeer aantrekkelijk boek over Spinoza juist daar het behalve het enthousiasme van de auteur en de vele informatie over Spinoza en het Spinozisme die hij biedt, juist ook door de weergave van zijn wortsteling met bepaalde kanten van Spinoza die hij aanging en waarvoor hij ofwel een bepaalde interpretatie geeft of zijn kritiek op bepaalde aspecten van Spinoza geeft, ook een persoonlijk boek is. Kortom, precies wat ik van een dergelijk boek verwacht. 
Ik heb het boek dan ook met veel genoegen gelezen. Hier is en adept van Spinoza aan het woord, die niet als vanzelf Spinoza overal gelijk in geeft, maar met hem in discussie gaat. Een paar maal, aan het begin en het eind van zijn boek, spreekt de schrijver er zijn twijfel over uit of hij wel de juiste interpretatie had gevonden; maar het is zíjn interpretatie waarmee hij verder kan met Spinoza. En dan, zegt hij, als er vrijheid van denken is, is er ook vrijheid van interpretatie. En daarmee meent hij niet dat het iedereen vrij staat zo maar luk raak een interpretatie die iemand beter uitkomt te formuleren. Dat kun je van Schuyt niet zeggen: hij doet zeer zijn best erachter te komen wat en hoe Spinoza het bedoelt en hij bestudeert daarvoor het denken in Spinoza’s tijd, en degenen die Spinoza mogelijk volgde of waarvan hij zich juist afkeerde. Bij een serieuze zoektocht naar het begrijpen van Spinoza kan de serieuze bestudeerder niet om de interpretaties van andere geleerden heen – behalve je weg vinden door het labyrint van Spinoza zelf, moet je ook je weg vinden door dat van de secundaire Spinoza-literatuur en daar kun je dan juist een afslag gekozen hebben, die in de geschiedenis van het latere denken toch een doodlopende weg bleek te zijn. Ik zal daar straks een enkel voorbeeld van geven. Maar dát Schuyt zich vele jaren heeft bezig gehouden met Spinoza (van 1991 tot 2007 was hij bestuurslid en voorzitter van de Ver. Het Spinozahuis) en daarbij ook eens een boek van een Spinoza scholar opensloeg, is door het boek heen duidelijk.

dinsdag 12 september 2017

Naast de prestigieuze Spinozapremie komt de Stevinpremie


Om de resultaten van wetenschappelijk onderzoek nóg beter in de praktijk toegepast te krijgen kondigde Staatssecretaris Dekker van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, begin dit jaar aan dat er een staatsprijs komt voor wetenschap met maatschappelijk impact: de nationale valorisatieprijs. [Cf.]
Bij de uitreiking vandaag van de jaarlijkse Spinozapremies (cf. blog), kondigde dezelfde staatssecretaris aan dat die prijs (eveneens 2,5 miljoen euro om aan onderzoek te besteden) de Stevinpremie genoemd zal worden. Dat klinkt heel wat vriendelijker dan ‘nationale valorisatieprijs.’ [Cf.]
Goed beschouwd kan de Stevinpremie als een opwaardering of valorisatie van de al bestaande Simon Stevin-prijzen worden gezien. [Cf.]

Simon Stevin (1548 – 1620) was een wiskundige en ingenieur, kortom: een toegepast natuurkundige. Maar de Stevinpremie zal niet uitsluitend naar natuurkundigen gaan.
[van tweet van ministerie van OCW]
 

Vandaag feestelijke uitreiking van de NWO-Spinozapremies

v.l.n.r {mét oorkonde): Eveline Crone, Albert Heck, Michel Orrit & Alexander van Oudenaarden (credits: Ivo de Bruijn)
Foto gemaakt op 16 juni 2017 bij de bekendmaking van de laureaten voor de Spinoza-premie

Vandaag, dinsdag 12 september 2017 vanaf 14:30 uur [cf. NWO-twitter en deze tweet van gisteren] , zal de feestelijke uitreiking van de NWO-Spinozapremies plaats vinden in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag. Tijdens de uitreiking vertellen de laureaten wat hun onderzoek inhoudt en waar ze de premie voor in willen zetten. Het gaat om:

Prof. dr. Eveline Crone, als hoogleraar Neurocognitieve Ontwikkelingspsychologie verbonden aan de Universiteit Leiden
Prof. dr. Albert Heck, als hoogleraar zowel verbonden aan Scheikunde als aan Farmaceutische Wetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Prof. dr. Michel Orrit, als hoogleraar Spectroscopie van Moleculen in Gecondenseerde Materie verbonden aan de Universiteit Leiden.
Prof.dr.ir. Alexander van Oudenaarden, algemeen directeur en groepsleider bij het Hubrecht Instituut (KNAW), dat nauw samenwerkt met het Universitair Medisch Centrum Utrecht, en hoogleraar Quantitative Biology of Gene Regulation aan de Faculteit Bètawetenschappen en de Faculteit Geneeskunde van de Universiteit Utrecht.
De laureaten krijgen elk 2,5 miljoen euro te besteden aan wetenschappelijk onderzoek én een Spinoza-beeldje  
[Volgens website NWO, verder is er dit ANP-bericht op Nieuws.nl]

Over de mens als passiewezen: de filosofie van de emoties en de ‘affective turn’ in de menswetenschappen


Het is nauwelijks meer voor te stellen dat de filosofie zich tot in het nabije verleden bijna uitsluitend bezighield met metafysische en epistemologische vraagstukken en de sensuele en lichamelijke aspecten van kennis verwaarloosde. Dat is intussen flink veranderd. In dit blog wijs ik weer graag op de gratis beschikbaarheid van een gedegen boekwerk.
In oktober 2010 werd in München een driedaagse conferentie (Tagung) gehouden over: Passions and the Limits of Pure Inquiry II: The Seventeenth Century. De eerste dag was gewijd aan Descartes, op de tweede stond - Exploring Spinoza’s theory of the affects – Spinoza centraal [cf. blog].
Toen het boek n.a.v. deze conferentie verscheen, maakte ik op 17-07-2012 een blog dat uitkwam:
Sabrina Ebbersmeyer (Ed.): Emotional Minds. The Passions and the Limits of Pure Inquiry in Early Modern Philosophy. De Gruyter, 13.07.2012 - isbn 978-3-11-026090-8 - € 99,95
De uitgever schreef: “The thoroughly contemporary question of the relationship between emotion and reason was debated with such complexity by the philosophers of the 17th century that their concepts remain a source of inspiration for today's research about the emotionality of the mind. The analyses of the works of Descartes, Spinoza, Leibniz, and many other thinkers collected in this volume offer new insights into the diversity and significance of philosophical reflections about emotions during the early modern era. A focus is placed on affective components in learning processes and the boundaries between emotions and reason.”

Ik maakte de opmerking dat ik het wel prijzig vond. Maar zie, op 23 februari 2017 is het vrij ter beschikking gesteld - licensed under the Creative Commons etc. Dat geef ik de geïnteresseerde hier graag even door [cf.].

maandag 11 september 2017

Harry Kuitert (1924 - 2017) is afgelopen vrijdag overleden

Harry Kuitert  © Werry Crone

Theoloog en ethicus professor Harry Kuitert is vrijdag 8 september op 92-jarige leeftijd overleden.

In dit blog wijs ik terug op enige blogs, waarin opgemerkt wordt hoe Kuitert met zijn nadruk erop dat geloof van de verbeelding komt, verwantschap met Spinoza leek te hebben. Hij zag de bijbel als product van de menselijke verbeelding.
Het blog van 06-11-2010 “Spreken over God,” ging over een artikel in Trouw van emeritus hoogleraar ethiek Harry M. Kuitert, bekend van “ alle spreken over boven komt van beneden.” Ik schreef: "Harry Kuitert noemt Spinoza niet, maar komt wel behoorlijk in de buurt van diens God. Hij is het met hem eens dat de God van de bijbelschrijvers een constructie van verbeelding is. Het verschil met Spinoza is dat bij Kuitert de God van het denken valt onder 'denksels' - en op basis van Kant weten we intussen dat we van 'denksels' niet zomaar over kunnen stappen op de objectieve realiteit. Maar zonder "denksels" kunnen we niet. Spinoza maakte een duidelijk verschil tussen 'ideeën' en 'entia rationis'. Ideeën, althans de adequate, zijn de tegenhangers in onze geest van een objectieve uitgebreide realiteit, terwijl 'entia rationis' in onze geest bedacht worden, maar geen wortels in de realiteit hebben. Het zijn de adequate ideeën waarmee de wetenschap steeds verder doordringt in de te kennen werkelijkheid. Dit is een iets ander onderscheid dan Kuitert en de door hem geciteerde L.M. de Rijk maken die slechts één hoop van 'denksels' kennen."

Joseph Dunner (1908 – 1978) zag Spinoza als the founder of the modern philosophy of free democracy [2]


In vervolg op het vorige blog over Dunner, wil ik in dit blog aandacht geven aan twee recensies van Joseph Dunner, maar voor ik daartoe overga eerst deze informatieve passage over twee nogal uiteenlopende interpretaties onder Spinoza scholars van Spinoza’s staatsopvatting [dit in een overigens uiterst Spinoza-vijandige tekst] *)

For Spinoza, the individual's highest loyalty must not be either for God or religion, or even for family and community, but rather for the state. As we know, Spinoza's discussion of politics in the concluding six chapters of Tractatus has divided commentators into two apparently opposed camps. One reading sees Spinoza genuinely defending a liberal state, hence defending the individual's political freedom.12 The other reading, in contrast, sees him only apparently defending a liberal state, but in reality defending the totalitarian authority of the state, regardless of its particular form of government, in order to defend the value not of freedom but of security and stability.13 Each camp cites relevant but opposed supporting statements by Spinoza, sometimes taken from the very same paragraph. For instance, in the fifth paragraph of Chapter 20, to support the liberal view, we have Spinoza saying: "Thus, the purpose of the state is, in reality, freedom." But in the very same paragraph, to support the totalitarian view, we find Spinoza writing: "Its [the state's] ultimate purpose is ... to free every man from fear so that he may live in security as far as is possible" (TTP 292-3).14
_______________

12. Three examples of the "liberal" reading of Spinoza are Lewis Samuel Feuer, Spinoza and the Rise of Liberalism (Boston: Beacon Press, 1958); see esp., The Impasse of Authoritarian Liberalism," 175-9; Joseph Dunner, Baruch Spinoza and Western Democracy: An Interpretation of his Philosophical, Religious and Political Thought (New York: Philosophical Library, 1955); and S. Paul Karshap, Spinoza and Moral Freedom (Albany: State University of New York Press, 1987).
13. Sir Karl Popper has made a strong case for the "totalitarian" reading of Spinoza; but see also Edwin Curley, "Kissinger, Spinoza, and Genghis Khan," in The Cambridge Companion to Spinoza, ed. Don Garrett (Cambridge: Cambridge University Press, 1996), 315-42.
14. Cf. ch. 18: "Every state [including the tyrannical state] must necessarily preserve its own form, and cannot be changed without incurring the danger of utter ruin" (279).
_________________
*) Uit Richard A. Cohen, "Levinas on Spinoza's Misunderstading of Judaism," In: Melvyn New, Robert Bernasconi & Richard A. Cohen (Eds.), In Proximity: Emmanuel Levinas and the Eighteenth Century. Lubbock, Tex.: Texas Tech University Press, 2001, 23-51, hier p. 4 - books.google.

Spinoza-blog tien jaar

Ik heb mij een dag vergist: ik ben de 12de, niet de 11de september 2007 begonnen met ‘t Spinoza-blog. Dus vandaag maak ik pas echt het tiende jaar vol – niet gisteren zoals ik in het vorige blog schreef:

VANDAAG MAAK IK HET TIENDE JAAR VOL WAARIN IK DAGELIJKS BLOGS BRENG OVER SPINOZA, SPINOZISME EN SPINOZANA.
Gisterenavond heeft de Spinoza Kring Limburg haar jaarlijkse etentje gehad in hotel-restaurant Beaumont in Maastricht. Bij die gelegenheid heeft Jasper von Grumbkow er een gewoonte van gemaakt ieder lid iets te overhandigen, zoals een Spinoza-speldje, een Spinoza-plak tattoo en dergelijke. Toen ik eerder dit jaar zeer ernstig ziek was, keek hij om naar een symbool of ritueel zoals we dat bij de ‘Spinozistische godsdienst’ nu eenmaal niet hebben. De Ethica houdt ons wel de vera religio voor, maar die is juist zonder veel imaginatio! Hij speelde daarom leentjebuur bij de rooms-katholieken - had immers wel gehoord van het "bedienen" van iemand die het naar verwachting niet lang meer maakt" en aan wie dan het “Heilig Oliesel” of “Sacrament der Stervenden” wordt toegediend, ook “Sacrament van de Ziekenzalving” genoemd (in het Latijn extrema unctio, d.w.z. "laatste zalving"). Vervolgens wordt dan de “H. Communie der stervenden” of “laatste Teerspijze" toegediend.

zondag 10 september 2017

Joseph Dunner (1908 – 1978) zag Spinoza als the founder of the modern philosophy of free democracy

VANDAAG MAAK IK HET TIENDE JAAR VOL WAARIN IK DAGELIJKS BLOGS BRENG OVER SPINOZA, SPINOZISME EN SPINOZANA. IK DOE DAT DOOR EEN BLOG TE WIJDEN AAN EEN AUTEUR DIE EN ZIJN SPINOZABOEK DAT NIET VELEN ZULLEN KENNEN, RESP. WAARVAN VELEN NIET EERDER ZULLEN HEBBEN GEHOORD.

Hij werd als Josef Dünner geboren in een joods gezin in Fürth. studeerde aan de universiteiten van Berlijn, Frankfurt am Main en Basel. Hij uitte zich in artikelen kritisch over het Hitler-fascisme, riep op tot verzet ertegen, deed mee aan studentenprotest en moest na de machtsovername van de nazi’s in 1933 het land verlaten. Hij promoveerde in 1934 in Basel en nam daarna een uitnodiging aan van het Brooking Institution of Washington D.C. in de VS. Hij werd vervolgens lector aan de universiteiten van New York en Harvard, waarna hij hoogleraar werd aan het "Grinnel College" in Iowa. Na WO II werkte hij als Press officer mee aan de opbouw van een democratische pers in Beieren. Vanaf tweede helft vijftiger jaren was hij vervolgens vele jaren professor in de Politieke wetenschappen aan de Yeshiva University in New York, noemde zich voortaan Joseph Dunner. Intussen had hij gasthoogleraarschappen aan de universiteiten van Freiburg, Köln en aan de Hebrew University Jerusalem. [cf. Fuerthwiki] Hij werd auteur van meerdere boeken, w.o.

Joseph Dunner, The Republic of Israel: Its History and Its Promise, 1950 cf. KIRKUS REVIEW. En waar het in dit blog uiteraard vooral om gaat:
Joseph Dunner, Baruch Spinoza and Western Democracy. An interpretation of his philosophical, religious and political thought. New York: Philosophical Library, [1955]. XII, 142 pp. [Cover van hier]
Hierna kom ik uiteraard terug op dit boek.
Joseph Dunner (Ed.), Dictionary of Political Science. New York: Vision [Philosophical Library], 1965
Joseph Dunner, Handbook of World History. Concepts and Issues. New York, Philosophical Library, 1967
Joseph Dunner, Zu Protokoll gegeben. Mein Leben als Deutscher und Jude. München/Wien/Basel: Kurt Desch, 1971 - 255 Seiten  [cover van hier]